Sinds kort mag ik mezelf een marathonloopster noemen. Hoe gek is dat?! 42,195 km door de stad met finish in het historische Olympisch Stadion van Stockholm. Een medaille waar ik best trots op ben. Omdat het symbool staat voor het hele proces naar die marathon toe.
Het lopen van de marathon in mijn absolute lievelingsstad was een droom die ik jarenlang in de categorie ‘onbereikbaar’ had geplaatst. Tot het – stap voor stap, via de Broloppet, plots wél een concreet doel werd.
Misschien wil je ook graag de marathon van Stockholm lopen? Of ben je benieuwd naar hoe ik dit allemaal beleefde? En eigenlijk ook gewoon voor mezelf, schreef ik onderstaand verslag over mijn eerste marathon in Stockholm op 30 mei 2026..
De vonk: hoe een brug alles veranderde
Vroeger liep ik wel eens, tot een hardnekkige blessure roet in het eten gooide. Ik probeerde daarna wel te herbeginnen, maar gaf telkens op. Tot er zo’n twee jaar geleden groot nieuws kwam: er zou een unieke loop georganiseerd worden over de brug tussen Denemarken en Zweden (The Bridge Run aka Broloppet).
Dát was de motivatie die ik nodig had. Samen met Start 2 Run en de rustig opbouwende trainingsschema’s van Evy Gruyaert vocht ik me in vijftien maanden tijd van letterlijk nul conditie naar die halve marathon. De fysieke en mentale deugd van het lopen was zo groot, dat een volgend doel bijna vanzelfsprekend werd. Ik schreef me in voor de Stockholm Marathon.

Boek je startbewijs op tijd!
Omdat ik net wat te lang twijfelde, was de Stockholm Marathon al volledig uitverkocht. Er restten me twee opties: een ticket overkopen van een uitvaller, of een pakketreis boeken via een sportreisbureau. Omdat de herverkoopsites niks opleverden en ik absolute zekerheid wilde, koos ik voor de pakketreis.
Hoewel ik blij was met mijn startplaats, voelde ik me achteraf wel een beetje ‘in het zak gezet’. Het hotel was oké, maar ik betaalde ruim het dubbele van de normale prijs. Bovendien was het ontbijt – ondanks de vele marathonlopers in het hotel – erg beperkt in koolhydraatrijke, licht verteerbare voeding en dat is echt wel essentieel op de ochtend van de marathon.
De realiteit van marathontraining
Als je aan een marathon denkt, denk je aan de finish. De armen in de lucht, de ontlading. Maar de echte magie zat voor mij in het proces. Als je traint voor een marathon, neemt dat project je leven even over. Ik ben geen snelle loper en mijn enige doel was finishen. Maar er komt zoveel meer bij kijken dan je denkt:
- De gigantische berg was: met vier trainingen per week bestaat je was grotendeels uit sportkledij. Zelfs met vier volledige loopoutfits was het soms een logistieke puzzel om de loopkledij tijdig proper en droog te krijgen voor de volgende training.
- Fuel & herstel: hoe intenser de trainingen, hoe meer brandstof je nodig hebt. Ik verdiepte me in sportvoeding: koolhydraten als fuel, eiwitten voor het herstel. Toen ik meer ging eten, verliepen mijn trainingen ook beter en was ik minder moe.
- Je moet je maag trainen om tijdens het lopen gels te verteren. Elke duurloop werd een hele organisatie van gels uitrekenen, sportdrank en elektrolyten mixen, en de anti-chafing stick smeren. En zorgen dat je Garmin, oortjes en smartphone opgeladen zijn!
Wat ik vooraf niet wist, was hoe heerlijk die routine zou worden. Tijdens die lange, eenzame duurlopen vielen mijn gedachten na een uurtje stil. Soms kwamen de beste creatieve ideeën bovendrijven, soms was het gewoon anderhalf uur pure rust in mijn hoofd. Ik genoot van die structuur en voelde dat mijn lichaam en geest sterker werden en zich aanpasten aan die trainingen. Waar 90 minuten vroeger als een lange duurloop voelde, was het nu een loopje van ‘maar’ 90 minuten.
Het wedstrijdweekend in Stockholm
Ik vloog van donderdag tot zondag naar Stockholm. Mijn schema zag er als volgt uit:
- Donderdag: inchecken in mijn hotel, boodschappen doen, startnummer (bib) ophalen en de expo bezoeken. Op de Expo kon je sportkledij en accessoires kopen, waren er standjes van andere marathons, selfiespots en kon je supportersborden maken. Ik kon het niet laten een veel te duur petje van de marathon te kopen.
- Vrijdag: de officiële Pasta Party in het historische Olympisch Stadion. (De Shake out run om 18u30 heb ik overgeslagen om mijn benen te sparen) maar het was wel gezellig om de sfeer even op te snuiven en nog wat koolhydraten naar binnen te werken.
- Zaterdag (Race Day!): ik ging om 10u naar het Stadion om mijn post-race bag in te leveren en trok om 11u naar het startvak. Tip voor de start: Ga op tijd in de rij staan voor het toilet en zoek tot de start zoveel mogelijk de schaduw op.
Klaar voor de start!
En toen was het zover. Om 12u16 klonk het startschot voor mijn wave. Het was een loeihete editie. Helemaal geen 19 graden en bewolkt zoals de voorspellingen maar eerder 25 graden en volop zon. Het plan om de pacers van 5:00 te volgen veranderde al gauw in zoveel mogelijk in de schaduw proberen lopen en zorgen dat ik onder elke sproeier onderweg kon lopen.
Eén moment dat me altijd zal bijblijven was toen we op Gamla Stan liepen en de koplopers kruisten. Zij liepen meer dan dubbel zo snel als wij. Er barstte onder de recreatieve lopers een ongelooflijk gejuich los. Instant kippenvel. Dat was de marathon op zijn mooist.
Al na 12 kilometer kreeg ik het zwaar. Gelukkig dook er langs de kant een lieve collega op met een waterspray – een hemelse verfrissing die me weer energie gaf. Vanaf toen was het tandenbijten en van punt naar punt leven.

Bij kilometer 21 dacht ik: nu begint het pas. Gelukkig stroomden de appjes van het thuisfront binnen. Mijn broer, zelf marathonloper, stuurde precies de juiste woorden op de momenten dat ik het nodig had. Bij kilometer 25 passeerde ik mijn langste afstand ooit. Vanaf daar was elk stap een overwinning en ging het voor mij verrassend vlotter dan de eerste helft. Misschien omdat ik het tijdsdoel had losgelaten. (Voor een eerste marathon is het doel sowieso finishen maar stiekem had ik toch een doeltijd en dat was achteraf misschien niet zo slim.)
Hoewel ik vooraf had gepland om de steilere hellingen bij Slussen en de beruchte Västerbron-brug te wandelen, moest ik uiteindelijk ook op andere hellingen en bij de bevoorradingen even wandelen. En eerlijk gezegd, die Västerbron viel best goed mee (op gewone looptourtjes door Stockholm loop ik die ook gewoon op). In totaal had ik ruim 500 meter hoogteverschil, volgens mijn Garmin.
Achteraf gezien heb ik misschien te weinig van de omgeving genoten door de hyperfocus, maar de iconische blik op het Stadshuset (het stadhuis) vanaf Norr Mälarstrand voelde echt als thuiskomen. De laatste 10 kilometer waren fysiek vrij zwaar, maar gingen mentaal verrassend snel voorbij. De ultieme traktatie? De hartige groentebouillon bij de late bevoorradingen. Na alle zoete gels smaakte dat als een sterrenmaaltijd! Het leek zelfs even alsof we een foodtour aan het doen waren: hier een augurk, daar een banaan,…
Ereronde in het Olympisch Stadion
Echt veel weet ik niet meer van die laatste kilometers. Het was voet voor voet, stap per stap. Tot het Olympisch Stadion van Stockholm in zicht kwam. We waren er bijna en ik kon er nog een soort versnelling uitpersen. In het stadion riepen de toeschouwers ons toe vanop de tribunes, wat een fantastische sfeer… Een ereronde hier en FINISH!
Geen enkele loper rond me hield het droog bij de finish. Een marathon lopen doet wat met een mens. Het zijn niet alleen die 42,2 kilometers op de dag zelf; het is het hele traject. Weken, maanden trainen. Opdagen als je geen zin hebt, in weer en wind. Groeien, sterker worden, een terugval incasseren en weer terugvechten. Je kunt het pas echt uitleggen aan iemand die door hetzelfde proces is gegaan.
En ik had dit nergens anders kunnen en willen doen dan in Stockholm.
En dan even bekomen…
Mijn voeten waren blij toen de loopschoenen uit mochten en ingeruild werden voor mijn recovery slippers. In mijn tas zat een briefje dat ik vooraf aan mezelf had geschreven (een tip die ik ergens op Instagram had gelezen). Ik nam de tijd om het te lezen, trok trots mijn finisher shirt aan en dronk mijn eiwitshake. Hoewel de gratis hotdogs helaas niet vegetarisch waren, smaakten de kanelbullar (Zweedse kaneelbroodjes) en koffie des te beter.
De dag erna in de stad en op de luchthaven hing er een geweldige sfeer. Overal zag je lopers trots in hun finisher shirt lopen, sommigen zelfs met de medaille nog om hun nek. Ik droeg mijn shirt niet, maar mijn compressiekousen en recovery slippers verraadden dat ik ook tot deze exclusieve 1% club behoorde. Je herkende de lopers meteen aan hun stramme gangetje bij de trappen (al viel het bij mij gelukkig mee!).
Eerst vond ik het jammer dat ik de dag na de marathon al naar huis vloog, maar achteraf was het juist thuis dat het besef echt indaalde. Deze marathon pakken ze me nooit meer af. Het hele traject was intens, loodzwaar, maar achteraf gezien misschien wel het mooiste cadeau dat ik mezelf ooit heb gegeven.
Post-marathon-blues
Maar tegelijkertijd overviel me iets waar niemand me vooraf voor had gewaarschuwd: de post-marathon-blues. De spierpijn viel best mee, en fysiek herstelde ik vlot, maar mentaal begon toen pas het moeilijkste deel.
Maandenlang was elke dag, elke maaltijd en elke weekendplanning afgestemd op die 42,195 kilometer. Mijn hele identiteit was even ’trainen voor een marathon’ geweest. En plots viel dat allemaal weg. Je hebt je doel bereikt, de medaille hangt te blinken aan de muur en de agenda is leeg. Het wegvallen van die strakke structuur bracht een best wel confronterende leegte met zich mee. Het contrast tussen de intense focus van de maanden ervoor en het ‘gewone leven’ daarna was groot.
Het heeft me doen inzien dat een marathon lopen over zoveel meer gaat dan die ene dag. Hoewel ik destijds al twee jaar meermaals per week liep en al twee halve marathons achter de rug had, zag ik mezelf toen nog altijd niet als een ‘echte’ loopster. En nu? Nu ben ik gewoon een marathonloopster. Hoe dan?!
Uiteindelijk gaat zo’n marathon niet over die medaille om je nek of de tijd op de klok. Het gaat over wie je zélf bent geworden tijdens die reis. De discipline om de deur uit te gaan als je eigenlijk totaal geen zin hebt. De mentale veerkracht om door te zetten wanneer je lichaam zegt dat het genoeg is geweest (maar net ook luisteren naar je lichaam). Het rotsvaste geloof in jezelf dat je, stap voor stap, iets kunt bereiken wat ooit onbereikbaar leek. De weg naar het doel is vaak nog mooier dan de finish zelf. Zoals @frejkutar schreef op Instagram: Loppet tar slut. Men personen du har blivit på vägen finns kvar. ❤️

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.